25 april  Z.Maria Elisabeth Hesselblad, kloosterlinge
Maria Elisabeth werd geboren op 4 juni 1870 in Faglavik (Zweden). Zij was het vijfde kind uit het gezin van August Hesselblad en Cajsa Pettesdotter Dag. Het was een gelovig gezin en Maria werd spoedig gedoopt in de gereformeerde kerk. De economie was niet al te best en zo moest het gezin Hesselblad steeds weer verhuizen van de ene plaats naar de ander om zo aan arbeid te kunnen komen. Maria kende zo een rusteloze jeugd. Toen zij 16 jaar was ging zij werken in Karlosborg om het gezin financieel te ondersteunen.
Na enkele jaren vertrok zij naar Amerika en besloot leerling verpleegster te worden en de zieken thuis te verzorgen. Deze opgave zou haar gezondheid geen goed doen want ze was vierentwintig uren in de weer. Haar contacten met de zieke katholieken maakte en haar dorst naar werkelijke naastenliefde hielden haar op de been. In haar hart was ze op zoek naar de ware kudde van Christus. Gebed, persoonlijke studies en een kinderlijke devotie tot de Moeder van de Heiland brachten haar tot het katholieke geloof. Op 15 augustus 1902 werd zij door pater Giovani Giorgio Hagen S.J. opgenomen in de katholieke kerk. Hij werd haar geestelijke vader. Op 17 augustus twee dagen na haar opname ontving zij de H.Communie en vertrok ze naar Europa waar zij in Rome het sacrament van het H.Vormsel ontving. Hier bezocht zij het huis van de H.Brigitta en was diep onder de indruk van het leven van deze heilige. Op dezelfde wijze wilde zij gestalte geven aan haar dienstbaarheid.
Zij ging terug naar Amerika, ziek als ze was moest ze weer terugkeren naar Rome. Op 25 maart 1904 vestigde zij zich in het klooster St. Brigida. Zij werd liefdevol ontvangen door de zusters van het Karmelietessenklooster. Stilte en gebed deden haar groeien in de kennis en liefde van Christus, bevorderde de devotie tot de H.Brigitta en Catherina van Zweden. Zij had een groeiende bezorgdheid voor de gelovigen en de Kerk.
Paus Pius X gaf haar in 1906 de toestemming om in te treden bij de Orde van de Heilige Redder van de H.Brigitta en legde haar gelofte af als spirituele dochter van Brigitta van Zweden. Haar doel was om de congregatie weer terug te brengen naar Rome. Om dit te bereiken bezocht zij vele kloosters in Europa. Haar bezoeken brachten vreugde en tegenvallers en geen duidelijke toezeggingen. Haar droom om op de geboortedag van H.Brigitta van Zweden een klooster in Rome te starten met zusters uit alle kloosters in Europa, kon ze niet realiseren. Toch kwamen er op 9 november 1911 3 nieuwe postulaten vanuit Engeland naar het klooster in Rome. In 1931 mocht zij van de Heilige Stoel permanent gebruik maken van de kerk van de H.Brigitta.. Het werd het levend hart van alle activiteiten. In 1937 ontstond er een klooster in India.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog verrichtte zij veel werk door naastenliefde aan de armen en aan diegenen die te lijden hadden aan de raciale vervolgingen. Zij zette zich in voor de vrede voor alle mensen en door haar houding tegenover iedereen die hulp nodig had groeide bij de slachtoffers hun liefde voor de katholieke Kerk.
Tijdens haar laatste levensjaren werd het kruis dat zij dragen moest bijna ondraaglijk en smartelijk lijden was haar deel. Zienderogen ging zij achteruit en op 24 april 1957 werd zij door God uit dit aardse bestaan terug geroepen to