| 6 februari H. Dorothea, martelares |
| Dorothea
was de dochter van christelijke ouders. Omstreeks het jaar 290 werd zij in
Ceasarea geboren. Door toedoen van de stadhouder, die zijn oog op het
jonge meisje had laten vallen, werd zij ter dood veroordeeld. Dorothea
weigerde in te gaan op de avances van deze Apricius, die het meisje graag wilde
huwen. Hij liet haar folteren en door onthoofding ter dood brengen. De legende vertelt dat Dorothea op weg naar het schavot de naam van Jezus riep. En jongeling, genaamd Theophilus, spotte en zei tot haar dat hij zich zou bekeren als hij bloemen en vruchten uit de tuin van haar bruidegom zou ontvangen. Daarop verscheen er een engel en bracht een korf vol bloemen en vruchten naar de jongeling. Daarop knielde hij neer en bekende zich tot het christendom. Apricius werd daar zo kwaad om dat hij Theophilus samen met Dorothea liet onthoofden. |
Patrones van: Bloemenverkopers, tuinlui, bruiden, bierbrouwers, stervenden, pas gehuwden Patrones tegen: valse beschuldigingen, armoede. |