× 
Klik in dit venster
op: http://beeldmeditaties.nl
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

           
welkom menu contact zoeken
HeiligenkalenderHeiligen op naamPatroonheiligenHedendaagse namenMeer...     
† ca 626  Aidan van Ferns

Info afb.

Aidan (ook Aedh, Maedoc-Edan, Maidoc, Modoc, Moedoc, Moedogh, Moeg, Mogue) van Ferns, Ierland; abt & eerste bisschop; † ca 626.

feest 31 januari & 7 september [Vce.1990]

Aidan was afkomstig uit de Ierse streek Connacht. Hij kreeg zijn opleiding aanvankelijk in Leinster, maar al gauw voegde hij zich bij Sint David van Wales († 601; feest 1 maart), die op dat moment nog abt was van Ross in Pembrokeshire. Volgens de legende was hij zelfs Davids meest geliefde leerling. Hij zou dan ook vele jaren bij hem verblijven; later als leermeester en tenslotte als abt.
De legende weet te vertellen dat Sint David is gestorven in de armen van zijn geliefde leerling Aidan. Waarschijnlijk keerde Aidan na de dood van zijn leermeester naar zijn vaderland terug en stichtte op een landgoed dat hij van de plaatselijke vorst Brandub ontving, klooster Ferns, in het huidige graafschap Wexford; hij werd er de eerste abt. Hij wordt soms ook de eerste bisschop van Ferns genoemd. Daarnaast stond hij aan de basis van nog een aantal kloosters en kerken, waaronder Drumlane en Rossinver.

Verering & Cultuur
In latere tijden eisten de door hem gestichte kloosters de eer op Aidans graf in hun midden te hebben; daarnaast ruzieden zij over de vraag wie van hen het belangrijkste was. Het gevolg was dat er vele eeuwen na Aidans dood levensbeschrijvingen werden gepubliceerd die uitsluitsel moesten geven in deze kwesties. Steeds viel het antwoord uit in het voordeel van het klooster waar de levensbeschrijving was opgesteld.
Voor het overige zijn zijn levensbeschrijvingen een aaneenrijging van legendes. Zo zou hij er een uiterst strenge levenswijze op nagehouden hebben; elke dag zou hij hardop vijfhonderd psalmen hebben gebeden, en zeven jaar lang leefde hij alleen op water en brood.

Legende van het hert
Op een dag zat Aidan in een ruimte apart een boek te lezen. Daar kwam een hert op hem af dat door honden achterna werd gezeten. Het was doodop. Het ging pal voor de man Gods staan. Daarmee gaf het te kennen dat het bij hem bescherming zocht. De heilige begreep dat natuurlijk en wierp zijn mantel over zijn gewei. Toen de honden eraan kwamen, dachten ze dat het een standbeeld was. Ze herkenden het niet en ze waren ook zijn spoor bijster. Onverrichter zake gingen ze er weer vandoor. Toen schudde het hert de mantel van de man Gods af en ging vrij en ongedeerd zijn eigen weg.
[Brn.1937p.107.230]

Er zijn meer kluizenaars die door jachtpartijen opgejaagde herten of andere dieren beschutting bieden. De beroemdste is misschien wel Sint Aegidius of Gilles († ca 723; feest 1 september): hij wordt dan ook heel vaak afgebeeld met een hert.

Legende van de werkengelen
Eens kwam de schaapherder van het naburige klooster dat onder leiding stond van de heilige Mochua († 6e eeuw; feest 1 januari), naar Aidan met de woorden: "Wij willen een kerk bouwen; het hout ligt op maat gezaagd in het bos, maar we hebben de mensen en de dieren niet om het hierheen te vervoeren." Toen zei de heilige: "Ga maar naar jullie klooster terug. Maar als je vannacht iets hoort, ga je niet kijken."
Die nacht kwam er echter een druk lawaai uit het bos op het klooster af. Een lekenbroeder die tegen het bevel van de heilige in toch graag wilde zien wat er gebeurde, gluurde door een kiertje naar buiten en zag een hele groep jongemannen het hout naar het klooster toe brengen. Ze waren prachtig van gestalte en hadden gouden haren die tot op de schouders vielen. Op dat moment riep een stem naar de engelen: "Ophouden met werken!" Als die man niet was gaan kijken, zou in die ene nacht de hele kerk gebouwd zijn.
[Fre.1964p:177]

Legende van de pseudo-bedelaars
Tenslotte is er een legende die vertelt dat er eens een groepje bedelaars bij hem aanklopte om hulp. Maar even tevoren hadden de schooiers hun kleren ergens verborgen en zich gehuld in lompen. Ze dachten een slaatje te kunnen slaan uit de gulhartigheid van de abt. Maar die had hen door. Hij liet hun kleren te voorschijn brengen en gaf die weg aan echte armen. Vervolgens stuurde hij de bedriegers weg met niks: geen kleren en geen aalmoezen.
[Frm.1996p:311»Maedoc]

Er wordt wel beweerd dat hij zijn abtsklokje ('Bell of Saint Mogue'), zijn staf en zijn reliekschrijn over de door hem gestichte kloosters verspreidde. Ze zijn alle drie bewaard gebleven: het klokje in de Bibliotheek van de Armagh-Cathedral; zijn staf en zijn reliekschrijn bevinden zich in het Nationaal Museum te Dublin.


Bronnen
[Bdt.1925»Maidoc; Bly.1986p:26; Bri.1953; D'A.1985p:54; Frm.1996p:311»Maedoc; Ggd.1911p:74; Rgf.1991»Aidan; Tou.1995p:70; Vce.1990; Dries van den Akker s.j./2008.01.03]

© A. van den Akker s.j.

VoorwoordHoe wordt men heilige?
© AuteursrechtWoordenboek
LeeswijzerGastenboek
Bronnen