| Pastoor Lenaert ( Leonardus)
Veghel,
zijn kapelaan Claes ( Nicolaas) Poppel, de priester Govaerd van Duynen, alsmede de
gardiaan van de franciscanen Claes ( Nicolaas) Pieck met tien medebroeders: de paters
Jeroen (Hieronymus) van Weert, Dirk (Theodurus) van der Eem (Of van Emden), Nicasius van
Heeze, Willehad de Deen, Govaerd van Melver, Antoon van Weert, Antoon van Hoornaar, Frans
Roy en de broeders Pieter van Assche en Cornelis van Wijck, en de augustijner kanunik Jan
van Oisterwijk, werden op 9 juli 1572 bij Brielle gedood. Zij getuigden van
Christus werkelijke tegenwoordigheid in de heilige Eucharistie en het
gezag van de paus als hoofd van de ene katholieke kerk. Zij allen werden
samen met de dominicaan Jan
van Keulen, pastoor te Hoornaar, de norbertijnen Adriaan van Hilvarenbeek en Jaak Lacops
die respectievelijk pastoor en kapelaan waren te Monster, en pastoor Andries Wouters van
Heinenoord door ophanging ter dood gebracht. Zij staan als een
onverwoestbaar voorbeeld als standvastige belijders in het geloof voor de
gehele kerkgemeenschap. Zij werden bespot en gefolterd vooraleer zij de
dood moesten ondergaan. Hun gebeenten werden begraven in Brielle en
Gorcum. In 1867 werden zij door paus Pius IX heilig verklaard. |