11 juni    H. Barnabas, apostel
Met kracht en klem legden de apostelen getuigenis af van de verrijzenis van de Heer Jezus en rijke genade rustte op hen allen. Er was geen enkele noodlijdende onder hen, omdat allen die landerijen of huizen bezaten, deze verkochten en de opbrengst ervan meebrachten om aan de voeten van de apostelen neer te leggen. Aan ieder werd daarvan uitgedeeld naar zijn behoefte. Zo bezat Jozef, een Leviet uit Cyprus, die van de apostelen de bijnaam  Barnabas - dit betekent: zoon van vertroosting - had gekregen, een akker die hij verkocht en waarvan hij het geld meebracht om het aan de voeten van de apostelen neer te leggen. (Hand.4, 33-36)*

Barnabas werd geboren op Cyprus rond het geboortejaar van Christus. Hij heeft Jezus zelf niet gekend. Zijn ouders waren grootgrond bezitters. Hij werd bij zijn besnijdenis Jozef genoemd. Nadat hij gevoegd was bij het apostelcollege ontving hij de naam Barnabas (Zoon van Troost). Hij verkocht alle bezittingen en volgde een christelijk leven zoals het van hen gevraagd werd. Hij kon als geen ander de treurenden troosten en bezat de gave van vooruitblikken. Hij verkondigde in Antiochie het evangelie en ging met de apostel Paulus mee op diens eerste missiereis. In de handelingen van de Apostelen wordt Barnabas op vele plaatsen genoemd als reisgezel van Paulus. Samen met Marcus verkondigde hij het evangelie op Cyprus. In het jaar 62 werd hij te Salamis op Cyprus door de Joodse gemeenschap gestenigd.


Patroon van:
kuipers, wevers.
Patroon Tegen: strijd en onmin, hagel, droefheid.

* ŠKatholieke Bijbelstichting 's-Hertogenbosch.
Willibrordvertaling 1978
Te bestellen bij: Katholieke Bijbelstichting,
F073-6133220
bijbelwv@xs4all.nl