| 14 juni H. Lidwina, maagd |
| Lidwina
werd op Palmzondag in 1380 te Schiedam geboren als dochter van een arme
nachtwachter. Toen ze 14 jaar was brak ze tengevolge
van een noodlottig ongeval op het ijs haar heup en was ze gedurende 38
jaren verlamd. Ze kon zeven jaar lang alleen haar hoofd en
een arm bewegen. Ze werd aan haar rechteroog blind en haar gebit begon
langzaam te vervallen omdat ze geen vaste spijs meer tot zich kon nemen. Te midden van haar vreselijk lijden was zij een voorbeeld van heldhaftig geduld en van uitzonderlijke liefde tot God en haar medemensen. "Als ik door een Ave Maria weer gezond zou worden, ik zou het niet meer willen", zei ze op het einde van haar leven. Op 14 april 1433 werd zij uit haar voortdurende beschouwing van Christus' passie opgeroepen tot het aanschouwen van zijn heerlijkheid. De verering die haar na haar dood ten deel viel, werd in 1890 officieel erkend, toen paus Leo XIII (1878-1903) haar liturgische viering goedkeurde. Tevoren was een deel van haar relieken, die in 1615 om veiligheidsredenen naar Brussel waren gebracht, op 14 Juni 1871 naar haar geboortestad teruggebracht. Deze dag wordt voornamelijk in de Nederlandse kerkprovincie gevierd.
|
Patrones van: de zieken, ziekenapostolaat |