× 
Klik in dit venster
op: http://beeldmeditaties.nl
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

           
welkom menu contact zoeken
HeiligenkalenderHeiligen op naamPatroonheiligenHedendaagse namenMeer...     
† 1349  Jean Discalceat

Info afb.

Jean (ook Jeannic of Yann) Discalceat (ook Barrevoeter, Déchaussé, Divotou, Santig Du of Va-nu-pied) ofm, Quimper, Bretagne, Frankrijk; priester; † 1349.

Feest † 14 & 15 (bij de franciscanen) december.

Hij werd in 1280 geboren, naar men aanneemt in de Bretonse plaats Saint-Vogay. Op jonge leeftijd verloor hij zijn ouders, en werd toevertrouwd aan de zorgen van een oom die hem zijn eigen vak leerde van timmerman en metselaar. Er wordt van hem verteld dat hij een goed inkomen had als bouwer van bruggen. Hij had dus een welvarend leven kunnen leiden, maar het liefst wilde hij priester worden. Zijn oom dreef de spot met het verlangen van de jongen en verzette zich ertegen uit alle macht. Een oude levensbeschrijving vervolgt: 'Maar deze nieuwe satan werd gestraft. Hij werd geëxcommuniceerd, raakte aan de bedelstaf en liep melaatsheid op. Zo werd hij in ongewijde grond begraven.'

Maar Yannic trok zich van dit alles niets aan en volgde zijn verlangen. Op twintigjarige leeftijd wendde hij zich tot de bisschop van Rennes met het verzoek voor priester te mogen studeren. Hij werd aangenomen en betaalde de onkosten als huisknecht. Op 19 mei 1303 werd hij priester gewijd, uitgerekend de sterfdag van Bretagne's grootste heilige, Sint Ivo.

Hij koos ervoor als priester te leven in grote armoede. In deze tijd ontstond dan ook zijn bijnaam Discalceat of Déchaussé (= Barrevoeter). Na drie jaar trad hij te Quimper in bij de Cordeliers, een tak van de franciscanen. Zo was hij in staat zichzelf nog grotere gestrengheden op te leggen ter ere van God. Zijn goede humeur leed er niet onder; hij stond bekend als een opgewekt man. Zijn biechtstoel was dan ook druk bezocht; hij kon goed luisteren, nam zijn mensen serieus, en schrok er ook niet voor terug ze zo nodig flinke penitenties op te leggen. Dat werd geaccepteerd, omdat hij zichzelf nog veel meer ontzegde.

Hij ontving bijzondere gebedsgenaden: zo voorspelde hij het beleg en de val van Quimper en de hongersnood die daarop zou volgen: dit alles gebeurde inderdaad, respectievelijk in 1344 en 1346. In 1349 stierf hij aan de gevolgen van de pest die hij had opgelopen bij de verzorging van de pestlijders. Deze epidemie kostte indertijd het leven aan eenderde van Europa's bevolking.

Verering & Cultuur
Tot op de dag van vandaag geniet hij te Quimper grote verering. Sinds 1771 staat hij er bekend als Santig Du (= 'kleine, zwarte heilige'). In dat jaar ging de franciscaanse tak der Cordeliers op in de tak van de Conventuelen. Cordeliers waren indertijd gekleed in een asgrauw gewaad, de Conventuelen gingen in het zwart. Met een lik zwarte verf werd zijn beeld in de kerk aangepast aan de nieuwe situatie.

Toen de gebouwen van de franciscanen tijdens de Franse Revolutie werden geconfisqueerd, verhuisden zijn relieken naar de kathedraal. Maar ook deze viel in 1793 ten offer aan het antikerkelijke fanatisme van de Revolutie. Op het laatste moment wist een timmerman de relieken in veiligheid te brengen. Ze werden verborgen in de sacristie van het kerkje te Ergué-Armel. Toen de razernij van de Revolutie voorbij was, konden ze worden teruggebracht. Als beloning mocht Ergué-Armel enkele relieken behouden, zodat Santig Du daar even grote verering ontvangt als in Quimper.

Gelovigen leggen broden bij hem neer; de eerste bedelaar die er een aantreft, mag het meenemen. Zijn voorspraak wordt vooral ingeroepen voor mooi weer (met name op zijn feestdag aan het begin van de winter!), en voor het terugvinden van verloren voorwerpen.


Bronnen
[Cha.1995p:134; Bdt.1925p:372; Lin.1999; Lo3.1837p:59; Dries van den Akker s.j./2007.11.26]

© A. van den Akker s.j.

VoorwoordHoe wordt men heilige?
© AuteursrechtWoordenboek
LeeswijzerGastenboek
Bronnen