× 
Klik in dit venster
op: http://beeldmeditaties.nl
om naar die site over te stappen.

Sluit het venster om te blijven.

           
welkom menu contact zoeken
HeiligenkalenderHeiligen op naamPatroonheiligenHedendaagse namenMeer...     
Joodse, Romeinse, Germaanse feesten

1 Het Joodse chanoekafeest (feest van de lichten)
Dit feest werd gevierd op de 25e van de maand Kislev, een Joodse maan, die vergelijkbaar is met onze maand december. Het was een herdenkingsfeest: in het jaar 164 vr Chr. werd op die dag de tempel van Jeruzalem terugveroverd op de heidense (= niet-joodse) bezetters; op dat ogenblik waren dat de Grieken. De her-inwijding werd plechtig gevierd met het aansteken van de achtarmige kandelaar. Er worden met chanoeka veel kaarsen aangestoken; en er worden cadeautjes gegeven.

2 De Romeinse mythrasverering
In het Romeinse Rijk was rond het jaar 200 na Chr. een nieuwe godsdienst ontstaan; de Mythrasverering. Mythras was de god van de zon. Zijn geboortedag werd gevierd op het moment van het jaar dat het licht van de zon zich weer begon te vermeerderen, en de dagen weer beginnen te lengen. Dus midden in de winter tegen het einde van de maand december. Dat feest heette - in het Latijn - 'Dies natalis solis invictae' (= 'geboortedag van de nooit overwonnen zon').

3 De Germaanse joelfeesten
Het Germaanse joelfeest heeft twee opvallende karaktertrekken:
-1-
Het was verbonden met de Germaanse god van de zon, Baldur of Frey, en werd gevierd tijdens de zonnewende, midwinter. Op het donkerste moment van het jaar verlangden de mensen terug naar de weldaad van de zon, die licht, warmte en vruchten geeft. Men meent dat uit dit verlangen het gebruik voortkomt om de altijd groene boom te vereren en de huizen met het groen ervan op te sieren; dat groen boom herinnert immers midden in de koude en kale winter aan de warme zomer! Het wiel van de zonsomloop moest - zo geloofden de Germanen - weer op gang komen en opnieuw gaan draaien. (Sommigen geleerden menen dat het Germaanse woord 'joel' en het woord 'wiel' oorspronkelijk hetzelfde woord zijn geweest, en dat de Germaanse feesten dus 'wielfeesten' waren). Hier en daar in Europa leefde men zo met de natuur mee, dat men tussen 25 december en 6 januari het draaien van wielen en raderen verbood: alle wagens, karren, spinnewielen enz. werden stilgezet. Stel je voor dat de zon anders jaloers zou worden en zou denken: 'Als ze daar toch zelf een wiel hebben dat draait, waarom zou ik dat dan nog moeten doen?'

-2-
Ook geloofden de Germanen dat de zonneschijn werd belemmerd door toedoen van de geesten van de duisternis. Die moesten dus bang gemaakt en verjaagd worden. Dat deed men door te 'joelen' (= blazen op een reusachtige pijp of hoorn, die een monotoon zwaar geluid gaf). Men veronderstelde dat de boze geesten daar wel voor op de vlucht zouden slaan. Ook maakte men op andere manier lawaai en stak men grote vuren aan om de geesten van de duisternis bang te maken en te verdrijven.


© A. van den Akker s.j.

VoorwoordHoe wordt men heilige?
AuteursrechtWoordenboek
LeeswijzerGastenboek
Bronnen